
Joepie, wat een heerlijk temperatuurtje vandaag!
Wie praat er met me?
Aha... Hai, Temperatuur!
Ik heet Evi. Ik word altijd zo vrolijk als het buiten lekker warm is.
Hahaha malloot!
Dus jij bent een soort knuffelthermostaat voor de wereld!
Ja ja ja, alsof je hart tintelt en overstroomt, hè?
Is liefde nog iets méér dan warmte?
Bedoel je zonder ‘dankjewel’?
Alleen maar om iemand te helpen?
Ja, want als je er iets voor terug wilt krijgen is het volgens mij geen échte liefde.
Dat is prachtig, Temperatuur. Ook als iemand per ongeluk iets doet, word je niet boos, maar dan kun je zeggen dat je het begrijpt. Dus je hebt medelijden omdat iemand iets vervelends moet meemaken.
Bij liefde maakt het volgens mij niet zoveel uit wat iemand zegt of doet.
Ja, maar dat lukt me heus niet altijd even goed, Temperatuur.
Misschien moet ik nog lang oefenen, denk je niet?
Hoe merk ik dan dat het niet is gelukt?
O... Maar hoe weet ik dan of het tintelen van onrust is, of van liefde?
Ja, mijn hoofd wordt dan een vlinderfeestje met te veel gasten!
Eh... niet altijd. Maar soms weet ik het wel.
Als iemand niet begrijpt waarom ik ánders denk.
Als ik heb gejokt omdat ik stiekem iets gedaan heb wat niet mag.
Ik word ook onrustig wanneer ik te laat ben opgestaan.
Omdat ik bang ben dat ik straf krijg op school.
Daar zeg je me wat.
Alleen maar als ik eigenlijk een beetje bang ben van die persoon.
Ik snap alleen niet goed waarom ik dan bang ben.
Dat zou best eens kunnen.
Of bang iets niet te wéten of iets niet te kúnnen?
Eigenlijk wel. Nu zie ik dat onrust eigenlijk de weg wijst naar mijn angst.
Dan weet ik dat er iets niet klopt. We dwalen wel af, beste Temperatuur.
Dat zijn toch allemaal boeiende dingen?
Zeker weten. Dankjewel, Temperatuur, ik heb veel van je geleerd.
Oké, zal ik doen. Ik heb zin in een groot glas lekker koud water.
Wat heerlijk, ik verheug me erop! Dan ga ik lekker zwemmen!
Vragen voor jou
1. Wat als de zon ene dagje vrij neemt en de maan zegt: "Oké, ik doe het wel, maar niet zo fel."☺
2. Wat vind jij allemaal stom? Weet je ook waarom?
3. Kan iets wat jij stom vindt, voor anderen wel goed zijn?
4. Kun je in iedereen iets moois ontdekken, zelfs in iemand die je superstom vindt?
5. Schrijf van iedereen uit de klas iets positiefs op aparte blaadjes en geef deze aan de kinderen. Kijk eens hoe blij ze zijn.